Anekdotes en (sterke) verhalen

Kwajongensstreek of .... slim bekeken. Door dpl wmr Joop Schreuder, lichting 59-6

Als wachtmeester was een van je taken de weekdienst, 7 dagen lang 24 uur per dag. Best wel zwaar. Je kwam op een bepaalde dag op en exact een week later werd je afgelost. Je runde als het ware de gehele compagnie vanaf het wekken om 6 uur ’s morgens, zorgen dat alles er spic en span uitzag, manschappen voorzien van een etensbon en afmarcheren naar de eetzaal, koffie zetten voor de staf en zorgen dat de koffie ook nog betaald werd -10 cent per kop-, fluiten voor de appèls en voor alles en nog wat tot aan het avondappèl, daarna controleren of iedereen te bed lag, lichten doven enz. enz.
Toen ik opkwam (1959) was het gebruikelijk dat de wachtmeester van de week (WvdW) in de weekkamer sliep om te zorgen dat de mannen die een escorte gingen doen niet alleen overdag maar ook ’s nachts op tijd vertrokken. En dat betekende dus in de nacht wekken en tevens de van de diverse escortes terugkerende marechaussees in een groot logboek inschrijven. Dat boek was van groot belang in verband met de declaraties! Je mocht namelijk de uren die je werkte na middernacht declareren. Per uur was dat fl. 0,10. Het was ook belangrijk dat je je niet meldde vóór het halve uur was verstreken, want dan kreeg je niets. Kwam je echter 5 minuten over half binnen, dan gold het gehele uur. De administratie controleerde dit minutieus en betaalde geen cent teveel uit.
Mannen die zich meldden hadden altijd wel wat te vertellen en dat ging ten koste van de nachtrust van de WvdW. Het zal duidelijk zijn dat het slaaptekort op den duur zijn tol ging eisen voor de dienstdoende wachtmeester.
Later in 1961 werd dat veranderd en kwam er een nachtploeg en kon de WvdW in zijn eigen bedje slapen.
Joop SchreuderVóór deze verandering stond het bed van de WvdW in de weekkamer en het was niet de bedoeling dat men hierop ging zitten. Dat was immers niet fris. Op een zekere dag zat er echter toch iemand, die net terugkwam van een poortpatrouille, op het bed en ik verzocht hem ergens anders te gaan zitten.
Als je indertijd een of andere patrouille moest doen kreeg je een leren schoudertas mee waarin de nodige papieren, potlood, vetkrijt en dergelijke zaten en nadat je de taak had vervuld moest je alles weer inleveren. De collega van de man die op het bed zat meende met een dreigende zwaai met de tas zijn maat van het bed te moeten verwijderen. Aan een dunne stang van zo’n 60 cm lengte met daaraan een witte bol hing aan het plafond de verlichting en door de zwaai met de tas sloeg hij de matglazen witte bol aan diggelen! De scherven lagen overal op de vloer en alleen een witte ring hing nog aan de stang vastgehouden door drie boutjes. Wat te doen? Officieel had ik een rapport moeten opstellen, met 2 vingers op de typemachine…

…"Donderdag des avonds om 21.32 uur (Eén en twintig uur tee twee en dertig) heb ik Johannes Claas Schreuder, wachtmeester des der Koninklijke Marechaussee, registratienummer 40.04.13.342, in mijn hoedanigheid van wachtmeester van de week van de Elfde Marechaussee Compenie Compagnie te Schaarsbergen vastgesteld dat de Marechaussee der 2e. (tweede) klasse ??? reg. Nr.??? enz. enz.

Vervolgens het rapport indienen, terugkrijgen omdat er ergens een schrijffout staat, op rapport om toelichting te geven, misschien wel een straf voor de marechaussee in kwestie, om dan uiteindelijk een bonnetje voor de foerier te krijgen voor een nieuwe bol. Begrijpelijk dat dit niet de aantrekkelijkste manier van handelen was.
Tegenover de weekkamer was de kamer van de Compagnies Opperwachtmeester (COW) opper v.d. Laar. Hij deelde de kamer met een adjudant wiens naam ik vergeten ben, maar wat ik nog wel van hem weet is dat hij totaal geen haargroei had.
Van hun kamer hebben wij de bol gehaald en de scherven van de kapotte bol over de vloer verdeeld, een boutje ook op de grond gelegd en vervolgens een raam wijd open gezet.
's Morgens gaat de adjudant als eerste zijn kamer binnen en komt daarna direct als een speer de weekkamer binnen. "Welke idioot heeft vergeten het raam te sluiten" en "heb jij dat niet gezien toen je gisteravond de kamers hebt gecontroleerd?" Ik zal wel iets van spijt hebben betuigd en antwoordde: "Ik laat het wel opruimen en als u mij even een briefje geeft, dan laat ik wel een nieuwe bol bij de foerier halen".
Aldus geschiedde en was een hoop gepraat en papierwerk overbodig geworden, alleen de scherven moesten als bewijs worden ingeleverd.
Tijdens het monteren van de nieuwe bol komt opper v.d. Laar binnen en schudde wat ongelovig met zijn hoofd maar zei verder niets.
Alle maanden die ik nadien nog gediend heb stond er steeds een bordje op het bureau van de adjudant waarop stond: LET OP, ’S AVONDS RAMEN SLUITEN.
Ik weet het wel… zoiets hoort niet te worden gedaan door een wachtmeester van de Koninklijke Marechaussee maar... we waren immers nog kwajongens van nog maar net 20 jaar.

Terug naar overzicht

Specials

Schutsvrouwe der Koninklijke Marechaussee
Verbouwing Koning Willem III kazerne
Anekdotes en (sterke) verhalen

Donaties

Steun deze website. Klik hier voor meer informatie.


Advertentie

MarechausseeNostalgie op Facebook

Volg ons op Facebook

Website door Dinkel Systems